Documenten‎ > ‎Ascania in de pers‎ > ‎

Persoverzicht 2000




Dom Wilfried Verleyen halve eeuw Benedictijn
Een man van de geschiedenis
 
AFFLIGEM - In de abdij van Affligem vond gisteren de viering plaats van de vijftigste verjaardag van de kloostergeloften van dom Wilfried Verleyen. De 69-jarige archivaris van de abdij staat bekend als een stille kracht, maar mensen die het kunnen weten noemen hem zonder verpinken een man van de geschiedenis.
 
Rudy DE SAEDELEIR
 
De viering van het jubileum werd eerder uitgesteld omdat dom Wilfried de voorbije maanden herstellende was van een operatie. Hij legde zijn geloften af op 29 september 1950. De monnik werd eind 1955 ook tot priester gewijd. Dom Wilfried, geboren in Sint-Pieters-Leeuw, geniet groot aanzien bij de heemkundige kringen in de regio. Zowel de Faluintjes (Moorsel, Meldert, Baardegem en Herdersem), Belledaal (Affligem) als Ascania (Asse) prijzen hem voor de accuraatheid waarmee hij zijn opzoekingswerk, in zijn geval letterlijk monnikenwerk, verricht.
,,Mijn passie voor de geschiedenis kreeg ik van mijn grootvader die heel boeiend kon vertellen over zijn jeugd. Ook de lessen geschiedenis op de lagere school, toen nog met van die kunstzinnig getekende maar weinig kritische taferelen, oefenden een mythische kracht op mij uit. Die interesse voor het verleden beïnvloedde uiteindelijk mijn keuze voor de oudste kloosterorde die de Benedictijnen is'', aldus de gevierde.
 
Dodenboek
In Affligem trad hij in de voetsporen van dom Cyprianus Coppens, zijn grote voorganger als archivaris en geschiedkundige. Tot de bekendste werken die dom Wilfried publiceerde behoren Negen eeuwen Affligem, 1083-1983 en zijn boek over dom Benedictus van Haeften (1588-1648), proost van Affligem. Een van zijn meest prestigieuze werken is het Necrologium van Affligem, 1083-1992, een complete reconstructie van het dodenboek van de ruim 1.500 monniken die ooit in Affligem verbleven.
,,Het originele boek is sinds de Franse Revolutie spoorloos en moet wellicht als verloren worden beschouwd. Aan de hand van de gelukkig wel bewaarde werken van de grootste geschiedschrijver van de abdij, proost Beda Regaus (1718-1808) voor wie ik een mateloze bewondering heb, kon ik die reconstructie toch uitwerken. Regaus' werken zijn een onuitputtelijke bron en blijven de basis voor alle studies.''
Dom Wilfried pleegde in vele tijdschriften ruim tweehonderd artikels over kerkgeschiedenis, genealogie (naamkunde) en dorpsgeschiedenis, voornamelijk over het Land van Aalst en Affligem. Resten er eigenlijk nog grote uitdagingen? ,,Zeker. Zo bestaat er nog geen echt grondige studie van de goederen die de abdij ooit bezat. Er is wel eens een summier overzicht gemaakt van de voormalige abdijhoeven, maar die graaft niet echt diep. Ook over de evolutie van het kloosterleven zelf bestaat nog geen echt naslagwerk.''
 
Het Nieuwsblad - 29-12-2000
 

 
OPWIJK/ASSE
Manuaal Peeter Verhasselt
 
Het Manuaal van Peeter Verhasselt is van de pers. Zondag vindt de voorstelling plaats van de gezamenlijke uitgave van de heemkringen Ascania (Asse) en HOM (Opwijk-Mazenzele).
Het manuaal is de transsciptie van het ,,dagboek'' van de pastoor van Mazenzele van 1538 tot 1557. Het boek hangt een beeld op van het dagelijkse, landelijke leven in de zestiende eeuw. De auteurs Flor De Smedt, Em. Prof. dr. W.L.Braekman, mevr.dr. E. Cockx-Indestege en François Van der Jeugt lichten het werk toe.
Het echtpaar Couck-Corthier verzorgt de muzikale intermezzi. De bestelde werken kunnen na de voorstelling (tot 17.30 uur) afgehaald worden. Het boek kan dan ook worden aangeschaft. (EGO) Voorstelling van Het Manuaal van Peter Verhasselt zondag 17 december om 14.30 uur in zaal Houtekeer, Dorp in Mazenzele.
 
Het Nieuwsblad - 15-12-2000
 

 
Ascania en HOM publiceren manuaal pastoor Verhasselt
 
Dit najaar publiceren de heemkringen Ascania (Asse) en HOM (Opwijk-Mazenzele) de transcriptie van een uniek zestiende eeuws manuaal. Het gaat om de nota's van pastoor Peeter Verhasselt die van 1538 tot 1557 in Mazenzele verbleef. Het manuaal werd decennialang verloren gewaand. In 1991 werd het oorspronkelijke handschrift, dat er na vijf eeuwen slecht aan toe was, herontdekt.
Assenaar Flor De Smedt bestudeerde de inhoud van deze unieke bron. De uitgave van de beide heemkringen omvat een leesbare versie van de nota's, aangevuld met commentaar, een glossarium, naam- en plaatsregisters en illustraties. Zij geeft een levendig beeld van hoe het er in de zestiende eeuw aan toe ging in het landelijke Mazenzele. Tot 20 oktober kunnen geïnteresseerden voorintekenen tegen 1.350 frank. In Asse, Opwijk en Mazenzele wordt het boek gratis thuis bezorgd. Inschrijven kan door storting op rekening 734-0026176-92, met vermelding van "Manuaal Peeter Verhasselt". Voor meer informatie kan u terecht bij Maurice Willocx (052/35.50.27), Jules Van de Velde (052/35.06.99) of Jan Meeussen (052/35.67.90). (VMLM)
 
Het Laatste Nieuws - 14-10-2000
 

 
Intekenen voor manuaal Peeter Verhasselt
 
ASSE/OPWIJK - De heemkringen Ascania (Asse) en HOM (Opwijk-Mazenzele) geven een boek uit over het landelijke leven in Mazenzele in de zestiende eeuw.
Het is de transcriptie en studie van het bewaard gebleven gedeelte van het manuaal van Peeter Verhasselt, die pastoor was in Mazenzele van 1537 tot 1557.
Manuael der parochie van Masezele van alle mijne jaeren in gerstelijcken state ghehadt. Zo begint pastoor Peeter Verhasselt zijn manuaal of handschrift over zijn verblijf in Mazenzele.
Het manuaal werd decennia lang als verloren gewaand. In 1991 werd het teruggevonden. Het handschrift is een opeenvolging van notities over de kerk van Mazenzele, familiezaken, huishoudelijke aangelegenheden, zakelijke overeenkomsten, het landbouwleven, afrekeningen met zijn parochianen, rijmpjes, gedichten en toneel.
Er staan remedies in tegen pest en andere ziekten bij mens en vee; weerberichten, geboorten, overlijdens en huwelijken en gegevens over schoolkinderen die hij tegen betaling aanvaardt. Er is ook sprake van de Sint-Pietersschuttersgilde en Keizer Karel in vredes- en oorlogstijd.
Flor De Smedt, voorzitter van Ascania, deed de transcriptie. Hij bestudeerde de inhoud van het manuaal en voorziet de teksten van commentaar. In het boek werden ook bijdragen opgenomen van Em. prof. W.L. Braeckman, dr. E. Cockx-Indestege en François Van der Jeught. Het 700 pagina's dikke boek is rijk geïllustreerd met kleurenfoto's en pentekeningen. Het verschijnt in november of december.
,,Manuaal Peeter Verhassel''; voorintekenprijs tot 20 oktober 1.350 frank (nadien 1.450 fr). Afhaling op voorstelling of gratis thuisbezorgd in Asse, Opwijk en Mazenzele. Inschrijven door storting op rekeningnr. 734-0026176-92 met de vermelding ,,Manuaal Peeter Verhasselt''. Info: Maurice Willocx (052-35.50.27), Jules Van de Velde (052-35.06.99) of Jan Meeussen (052-35.67.90). (EGO)
 
Het Nieuwsblad - 05-10-2000
 

 
Lode en Julien brengen 400ste Dialectofoon op radio Viva
,,Taal laat zich niet uitroeien''
 
ASSE - Zoals duivenchappers op zondag met hun duiven spelen, spelen in Asse en omgeving heel wat liefhebbers van volkse taal en verhalen mee met het radioprogramma ,Dialectofoon'. Dankzij de inbreng van een ruime kring heemkundigen, taalkenners en vooral gewone mensen behoort het praatprogramma van Lode Pletinckx voor vele luisteraars al jaren tot het vaste ritueel van de zondagmorgen. Morgen, zondag 10 september, gaat het in de Vlaamse radiowereld volstrekt unieke programma voor de 400ste maal in de ether.
 
Rudy DE SAEDELEIR
 
Wie in Dialectofoon zijn zegje wil doen mist best de eerste tien minuten niet. Dan krijgt de luisteraar iedere keer een aantal woorden. Van dialectwoorden wordt gevraagd ze te verklaren, te gebruiken in dialectische zinsverbanden of synoniemen aan te dragen. Lode Pletinckx wordt bij die gesprekjes sinds vorig jaar bijgestaan door Julien Van den Broeck. Voordien vormde hij jaren een vaste radiotandem met René De Rop.
 
Volksfiguren
Zowel Julien als René zijn lokaal bekende volksfiguren met een waanzinnig sterk geheugen voor ,het leven zoals het was'. Lode (60) is van opleiding germanist. Als zoon van dorpsonderwijzer Karel Pletinckx is hij al jaren gepassioneerd bezig met het inventariseren van het West-Brabantse dialect.
,,De liefde voor de taal zat er van thuis ingebakken'', trapt Lode een open deur in. ,,Al van in de kindertijd plukten we met moeder en vader Brabantse woorden. Later had ik aan de universiteit van Gent het geluk om dé tenoren van de dialectologie, Edgard Blanquaert en Willem Pée, te ontmoeten. Daar leerde ik dat dialect een perfect taalsysteem is, dat zelfs rijker is dan de algemene taal. De diversiteit aan klanken, zoals die typische tweeklanken, is in de oude taal nog waarneembaar, in de algemene taal zijn die verdwenen. Ik ben geen propagandist van het dialect, we moeten de klok niet terugdraaien, maar vraag wel aandacht voor het taalkundig waardevolle van het dialect.''
Pletinckx heeft ze nog gekend, de ABN-kernen uit de jaren '50 die oordeelden dat de dialecten moesten uitgeroeid worden. ,,Men dacht door het uitroeien van het dialect de mensen beter Nederlands te laten praten. Maar een taal laat zich niet uitroeien en bovendien vergiste men zich van vijand. Niet het dialect was verantwoordelijk voor het gemis aan kennis van de algemene taal, wel de ondermaatse structuren van die tijd. De meeste schoolmeesters kenden geen Algemeen Nederlands. Men had beter de structuren aangepakt en de mensen onder de kerktoren hun eigen volkstaal laten behouden.''
 
Taalbewustzijn
Dialectofoon ging bij Viva voor het eerst in de ether in april 1991. ,,Radio is voor mij een dankbaar bevragingsinstrument en ik ben blij dat het programma doorheen de jaren zeer veel heeft losgeweekt. De sterkte van Dialectofoon zit hem in het onderhoudend karakter, dat meteen een hele taalgeschiedenis relativeert en ook het taalbewustzijn aanscherpt. Het doet inzien dat dialect veel meer is dan maar een platte taal en brengt het besef van de ontzaglijke rijkdom van de taal bij.''
,,De moderne mobiliteit en de vermenging onder het volk - want hoeveel mensen trouwen nog met iemand van hun eigen dorp - maken wel dat het dialect evolueert naar wat we het regiolect zijn gaan noemen. Je kan nu minder dan vroeger van iemand zeggen dat die van dat of gene dorp afkomstig is. Vroeger was er nog een hemelsbreed verschil tussen, bij voorbeeld, het dialect van Asse en dat van Asse-ter-Heide.''
*,Dialectofoon', zondag van 10 tot 11 uur op radio Viva (FM 106.4) in Asse, tel. 02-452.21.85.
 
Zwoegen aan levenswerk
 
Ten tijde van het weekblad De Asschenaar werden de woorden die in Dialectofoon aan bod kwamen verzameld in een tiental boekdeeltjes van Op z'n Asses. Die boekjes beloven in het niets te verdwijnen als Lode Pletinckx, wellicht in de loop van volgend jaar, klaar te zijn met zijn grote levenswerk het woordenboek van het Asses. Van het boek zijn al 450 bladzijden volledig afgewerkt, maar er ligt de komende winter nog eenzelfde stapel te wachten op de laatste eindredactie.
,,En dat vergt zeer veel werk. Het woordenboek zal een drieduizend lemma's bevatten, woorden die omstandig worden verklaard en gebruikt in zinnen of gezegden. Het radioprogramma toetst nog steeds de waarachtigheid van bepaalde woorden. Van sommige moet ik dan vaststellen dat ze in onbruik zijn geraakt. Wat het boek interessant zal maken, en in zijn soort vrijwel enig, is de trefwoordenlijst van het Nederlands naar het Asses. Zo zal je gemakkelijk van een Nederlands woord de Assese vertaling kunnen vinden. Daardoor kan het in uitbreiding ook fungeren als Brabants woordenboek.'' (RDS)
 
Het Nieuwsblad - 09-09-2000
 

 
Millenniumboek herdenkt Assese volksfiguren
 
ASSE - Gisteravond vond in de raadzaal van het gemeentehuis van Asse de plechtige voorstelling plaats van het millenniumboek ,,Mensen van bij ons''. Het boek van 208 bladzijden is een gelegenheidsuitgave van het gemeentebestuur. 23 Assese auteurs tekenden in totaal voor 41 levensverhalen van bekende (overleden) Assenaren. Een kroniek van het Assese leven in de twintigste eeuw.
 
Rudy De Saedeleir
 
,,Souvenirs uit het verleden zullen opnieuw een stukje van uw jeugd in herinnering brengen en uw hart gelukkig maken'', redevoerde cultuurschepen Vic de Boeck bij de opening. ,,Of U zult zeggen en denken: die man heb ik ook nog gekend, of ik ben nog met hem naar school geweest.''
Het was de cultuurschepen die zich begin vorig jaar met professor Jef Van Haver, meester Marcel Carmeliet en dokter in de letteren Jaak Ockeley rond de tafel zette om het boek gestalte te geven. ,,We beslisten zoveel mogelijk medewerkers-schrijvers uit te nodigen en in elke wijk en deelgemeente mensen aan te spreken om mee te werken aan een boek over bekende dorpsfiguren uit het verleden, zonder te kijken naar enige rang of stand'', herinnert De Boeck.
 
Kwaliteitspapier
Precies dit amalgaam van gewone, opmerkelijke, politieke, religieuze, kunstzinnige of verdienstelijke figuren maakt ,,Mensen van bij ons'' inderdaad tot een zeer prettig en gevarieerd leesboek, vooraf reeds goed voor 300 inschrijvingen. Elk levensverhaal is goed voor een tiental bladzijden in A4-formaat. Het boek bevat ook 53 illustraties uit het archief van de heemkundige kring Ascania. Het werd gedrukt op kwaliteitspapier en kreeg ook een zeer geslaagde (harde) kaft. Een luxe-uigave dus, met slechts 500 frank bovendien zeer democratisch geprijsd. Jaak Ockeley stond samen met de cultuurschepen in voor de algemene eindredactie.
Schepen De Boeck bracht nog een hommage aan Yvonne De Nijs die in het boek bijdragen schreef over Anne-Marie Gossens en zuster Lutgardis, maar zelf een maand geleden plots overleed. Haar zus Madeleine kreeg, samen met andere verdienstelijke medewerkers, een dankbloemetje.
,,Mensen van bij ons'' kan besteld worden door 500 ank over te schrijven op postrekening 000-0025629-21 van het gemeentebestuur Asse. Inlichtingen: 02-454.19.66.
 
Het Nieuwsblad - 16-03-2000
 

 
Nieuw licht op zeer oude Land van Asse
 
ASSE - De heemkringen Ascania (Asse) en Opwijk-Mazenzele (HOM) geven in het najaar een boek uit dat een nieuw licht werpt op het leven in de zestiende eeuw in het Land van Asse. Het is een transcriptie en rangschikking per onderwerp van het handboek van Peeter Verhasselt, pastoor van Mazenzele van 1538 tot 1557. Voorts zijn er aanvullingen door leden van beide heemkringen. Aan het lijvige boek van 650 bladzijden is jaren gewerkt.
De plaatselijke heemkundigen dachten dat het manuaal verloren gegaan was. Het dook negen jaar geleden op tijdens een tentoonstelling over de Sint-Pietersgilde. De familie Meert-De Nil had het in haar bezit als een vermeend dagboek van pastoor Schaurinck, die het liet inbinden samen met een afgedankt missaal uit het begin van de zestiende eeuw. Het is een van de weinige met de hand geschreven bewaard gebleven werken, opgesmukt met 35 miniaturen.
Flor De Smedt, voorzitter van Ascania, maakte foto's van elke bladzijde. Met engelengeduld zette hij de tekst om in het huidige lettertype. Hij had moeite met een aantal afkortingen en interpreteerde uit de context waar het boek de tand des tijds niet had doorstaan.
 
Wereldnieuws
,,Het is geen dagboek, eerder een persoonlijke boekhouding van ruilhandel, rekeningen, berekeningen, schulden, vereffeningen en kwijtscheldingen'', licht Flor De Smedt een tipje van de sluier.
,,Maar het bevat ook nieuws, zoals over Keizer Karel en zijn leger. De pastoor heeft er een liedje over gemaakt. Uit het handboek blijkt dat hij ook schutter is geweest en in 1545 koning werd van de Sint-Pietersgilde. In zijn boek vinden we ook ledenlijsten en meldingen over tornooien waaraan de Gilde deelnam. We komen meer te weten over oorlogen, Willem van Oranje, de brand in Merchtem, de ontploffingsramp met een buskruitmagazijn.''
,,De toenmalige pastoor van Mazenzele volgde het wereldnieuws. Eigenaardig genoeg zwijgt de auteur in alle talen over de godsdienstoorlogen. Hij was een gewone boer, die grond bezit en bewerkt. Op een bepaald ogenblik koopt hij een paard in Antwerpen. Hij heeft het over bouwen en verbouwen, vermeldt huwelijken en dopen in de tijd van voor de parochieregisters.''
,,Een jaar lang leenden we het werk uit aan mevrouw Cockx-Indestege van de Koninklijke Bibliotheek, die er voor ons een bijdrage over schrijft. Ze was enthousiast over de vondst'', zegt Maurice Willocx van de HOM. ,,We hopen delen van het nieuwe boek te kunnen voorstellen op de heemkundige boekenbeurs van Vlaanderen op 1 en 2 april in Gent'', besluit HOM-voorzitter Ingo Luypaert.
Geïllustreerde voorstelling met dia's van het Manuaal van pastoor Peeter Verhasselt op dinsdag 22 februari om 20 uur in het bakhuis van het cultureel centrum Hof ten Hemelrijk, Kloosterstraat 7, Opwijk. Toegang gratis. (EGO)
 
Het Nieuwsblad - 16-02-2000
 

 
René De Rop is het levende geheugen van Asse
 
ASSE - Voor stoute uitspraken moet je niet bij René De Rop zijn. Over delicate onderwerpen denkt de minzame man wel tweemaal na voor hij iets zegt. Maar vraag iets over het Assese volksleven van vroeger en de 67-jarige voorzitter van De Gilde zal je urenlang onderhouden. Van dag tot dag, sinds 1940 als het moet. 's Mans ,,paardengeheugen'' heeft al menig Assenaar van verwondering tot bewondering gebracht.
 
Rudy De Saedeleir
 
Humor, weemoed, ernst, filosoof. Het zijn de vier woorden waarmee hij zichzelf treffend samenvat.
Droge humor met gladgestreken gezicht, weemoedig zoals hij op menig vertelavond de toehoorders tot tranen kan brengen, ernstig in zijn beroepsleven als drukker of als voorzitter van de harmonie De Gilde, filosoof in een uitdunnende kring van ijveraars voor de lokale cultuur.
De laatste maal dat René De Rop zijn haast onevenaarbare onderhoudende talenten de vrije loop liet was bij de opening van de retrospectieve tentoonstelling van kunstschilder Karel de Bauw. Zet hem daarbij naast plaatselijke zielsverwanten als Lode Pletinckx of Frans Goossens en er wordt letterlijk geschiedenis geschreven.
,,Op dat gebied was mijn toneelperiode van 1950 tot '65 bij Uit houe Trouwe, nadien de Rederijkerskamer, de beste leerschool'' steekt René van wal. ,,Met regisseurs als Cyriel Van Gent, Jo Van Eetvelde en Dré Poppe of tegenspelers als Mandus De Vos had ik de beste leermeesters. Toneel was voor mij zeer dankbaar. Ik kreeg gewoonlijk de droogkomische rollen, je weet wel, het publiek rollend van het lachen maar zelf bloedserieus blijven. Dat waren geen hoofdrollen, maar elke zin was wel raak. Het publiek lachte gewoonlijk al toen ik opkwam, alsof ze wisten hoe laat het was.''
,,Ik heb inderdaad een sterk visueel geheugen'' reageert hij op de hem meestgestelde vraag. ,,Ik ken nu, 40 of 50 jaar later, nog vele teksten van mijn toenmalige toneelrollen integraal uit het hoofd. Gedichten, rijmpjes, liedjes, ik ken ze met honderden. De mensen verwonderen zich daarover, maar voor mij is dat eigenlijk vrij natuurlijk. Dat zal wel een aangeboren talent zijn.''
 
Concertvereniging
Dat er voor hem een rol was weggelegd in de harmonie De Katholieke Gilde lijkt evenzeer aangeboren. Om het aantal De Rops in de annalen van de harmonie te tellen kom je vingers tekort. Idem aan zijn moeders zijde, Mestdag. Eenvoudiger is het te stellen dat geen enkele De Rop niet bij de harmonie is geweest.
,,Ik trad toe op mijn twaalfde, vlak na de bevrijding in '45'' opent hij dit hoofdstuk. ,,Ik kreeg een oude cor, een hoorn, van mijn vader en dat is in die 55 jaar mijn instrument gebleven. In '69 werd ik op vraag van dokter José Goossens bestuurslid en ondervoorzitter en sinds 1982 ben ik voorzitter van de harmonie. Ik was hier de eerste voorzitter die tegelijk muzikant was. Dat maakt dat bestuursvergaderingen nu veel gemoedelijker zijn dan vroeger. Toen was de Gilde ook als politieke beweging actief, wat regelmatig voor spanningen zorgde. Vandaag is dat hoofdstuk lang afgesloten en zijn we muzikant onder de muzikanten geworden. Eventuele spanningen zie je dan van ver aankomen en kun je tijdig ontmijnen.''
 
Presentator
,,De moderne harmonieën groeien steeds meer uit tot concertverenigingen'' analyseert De Rop. ,,De tijd dat we jaarlijks tientallen malen buiten kwamen is voorbij. Nu wordt alles geconcentreerd op de enkele grote concerten, onze Proms-avond of het café-chantant. Of de kampioenschappen, zoals onze nationale titel twee jaar geleden bij Fedekam, de grootste muziekfederatie.''
,,Ik was indertijd ook de eerste die tijdens concerten presenteerde tussen twee nummers'' herinnert hij. ,,Vandaag is dat vanzelfsprekend, maar toen werd enkel muziek gespeeld en verder niets. Een presentator die toelichting gaf bij de werken, dat was innoverend. Zo'n 10 jaar geleden heb ik die taak overgedragen aan mijn zoon Jan.''
,,Samen met onze toenmalige dirigent José Fontaine hebben wij in 1982 als eerste in Vlaanderen een Nacht van de Proms opgezet, naar een Engelse traditie. Pas later is men dat ook gaan doen in Antwerpen en Gent. Die hebben nog geprobeerd die naam te deponeren, maar wij konden toen bewijzen dat we er al langer mee bezig waren.''
René houdt uitstekende herinneringen aan zijn tijd bij de Brueghelfanfare. Die pseudo-muziekvereniging bestond in Asse van 1951 tot '71.
 
Zjeune
,,Mijn goede vriend Zjeune (Eugeen) Van den Broeck, de beroemde knipselkunstenaar, was de geestelijke vader, ikzelf bestuurslid en accordeonist. De Brueghelfanfare maakte mirleton-muziek, vandaag heet dat ,kazoo' (zoals de Opwijkse stroblazers). Dat gebeurde met namaakinstrumenten, versterkt door enkele echte instrumenten.''
 
De geest van Manke Fiel
 
ASSE - Drukker René De Rop gebruikte zijn professionele kunnen de voorbije decennia ook voor de uitgave van heemkundige werken. Het begon in 1965 met de verzameling ,Kinderspelen te Asse, vroeger en nu' en eindigde in '92 met zijn zevende werk ,Zeg hé, knikker je mee'. Daarnaast schreef hij heel wat bijdragen voor het tijdschrift van de heemkundige kring Ascania of het weekblad de Asschenaar.
Bij de honderdste verjaardag van De Gilde pakte hij uit met een imposant naslagwerk, samen zo'n 650 bladzijden. ,,Alle verslagen van bestuursvergaderingen en het intern magazine Gildeleven, dat ik de laatste 35 jaar zelf heb uitgegeven, waren gelukkig steeds bewaard. Maar dan nog vergde die uitgave een immens opzoekwerk.''
Het meest bekend werd René de Rop als auteur van het boek ,Manke Fiel en zijn museum' in 1984, één jaar later gevolgd door de bundel ,24 volkse figuren'. ,,Dat waren rechtstreekse uitlopers van de radioprogramma's die ik toen in Asse maakte rond dialect en Assese figuren. Vooral de figuur van Manke Fiel sprak in Asse enorm tot de verbeelding. Ik heb toen alle verhalen en getuigenissen over Fiel verzameld. Dat boek heb ik zelfs moeten herdrukken. Ook in het nieuwe millenniumboek, dat de gemeente binnenkort uitgeeft, staat één van mijn bijdragen over hem.'' (RDS)
 
Het Nieuwsblad - 06-01-2000

Documenten

Comments